Het bestemmingsplan

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Het bestemmingsplan treedt niet na afloop van de beroepstermijn in werking indien een door Gedeputeerde Staten of de inspecteur ingediende zienswijze niet volledig is overgenomen of het bestemmingsplan anders dan het ontwerp is vastgesteld. (Indien het bestemmingsplan anders dan het ontwerp is vastgesteld omdat de gemeenteraad juist gevolg geeft aan de ingediende zienswijze van Gedeputeerde Staten of de inspecteur, treedt het bestemmingsplan wel in werking)
Het niet in werking treden heeft als doel belanghebbenden gedurende de gebruikelijke termijn van zes weken in geval van beroep de gelegenheid te geven een voorlopige voorziening aan te vragen voordat het gewijzigde bestemmingsplan in werking treedt; Gedeputeerde Staten of de minister van VROM de gelegenheid te geven aan de gemeenteraad een aanwijzing te geven.
Deze aanwijzing-ook wel kantoor huren barendrecht reactieve aanwijzing genoemd -heeft de strekking dat het onderdeel waarop de zienswijze betrekking heeft geen deel blijft uitmaken van het bestemmingsplan zoals het is vastgesteld (art. 3.8 lid 6 Wro). Zie omtrent aanwijzingen paragraaf 4.5. Het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan wordt na de aanwijzing met uitsluiting van dat onderdeel, samen met het aanwijzingsbesluit bekendgemaakt. Dat gebeurt dan zeven kantoor huren doetichem weken na de vaststelling van het bestemmingsplan. Gedeputeerde Staten en de minister hebben een speciale motiveringsplicht bij het geven van de aanwijzing: in de redengeving vermelden zij de aan het besluit ten grondslag liggende feiten, omstandigheden en overwegingen die hen beletten het betrokken provinciaal of nationaal belang met inzet van andere aan hen toekomende bevoegdheden te beschermen. Andere bevoegdheden zijn bijvoorbeeld het stellen van algemene regels bij of in een provinciale verordening of AMvB omtrent de inhoud van bestemmingsplannen (zie paragraaf 4.5) of het vaststellen van een provinciaal of kantoor huren zutphen rijksinpassingsplan (zie subparagraaf 4.2.5).
Tegen het aanwijzingsbesluit kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Wordt het aanwijzingsbesluit onherroepelijk, dan vervalt het vaststellingsbesluit voor dat onderdeel van het bestemmingsplan: dan staat immers vast dat dat onderdeel terecht door Gedeputeerde Staten of de minister is bestreden.
Art. 3.9 Wro maakt duidelijk dat de afwijzing van een aanvraag om een bestemmingsplan vast te stellen een besluit is. Tot een afwijzing als bedoeld in het eerste lid besluit de gemeenteraad zo spoedig mogelijk doch in elk geval binnen acht weken na ontvangst kantoor huren beverwijk van de aanvraag (art. 3.9 lid 2 Wro). Daartegen kan bij de gemeenteraad een bezwaarschrift worden ingediend en tegen het besluit op het bezwaarschrift staat beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (art. 8.2 lid 1 onder a Wro).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *