De WACC en de IRR

1. Zet de kasstroom van het object uit 2. Zet de kasstroom van de financiering uit 3. Zet de kasstroom van het eigen vermogen uit Bereken vervolgens: 4. De WACC 5. De IRR van het object 6. De IRR van de financiering 7. De IRR op eigen vermogen 8. Beredeneer wat de betekenis is van de WACC in deze opzet 9. Vergelijk de WACC met de IRR van het project 10. Welke eerste kantoor huren per uur leeuwarden conclusie kunt u trekken als u de IRR vergelijkt met de WACC? B De resultaten van dit object zijn gevoelig voor de financieringsvoorwaarden. 1. Laat zien hoe de WACC, de IRR van het object en de IRR op eigen vermogen wijzigen als u andere waarden gebruikt voor de LTV. Gebruik hiervoor een gegevenstabel en laat zien wat er gebeurt bij een LTV van respectievelijk 90%, 80%, 70%, 60% en 50% . 2. Laat zien hoe de IRR op eigen vermogen kantoor huren per uur groningen varieert bij een andere aflossingsverplichting. Gebruik hiervoor een gegevenstabel en laat zien wat er gebeurt bij een aflossingsverplichting van respectievelijk 0%, 0, 5%, 1,0%, 1,5%, 2,0%, 2,5%, 3,0%, 3,5%, 4,0%, 4, 5% en 5,0%. C 1. Zet de Cash Flow Waterfall uit: hoe wordt de kasstroom van het object verdeeld over de verstrekker van vreemd en die van eigen vermogen? Wat is: 2. De som van alle nominale kasstromen (in- en outflows) voor de financier (de cumulatieve kasstroom)? 3. Idem voor de eigen vermogen verstrekker? 4. Idem voor het project? 5. De som van de kasstromen onder 2 en 3? D Stel de bank is bereid 90% van de investering te financieren. 1. Werk de kasstroom van de financiering (vanuit het perspectief kantoor huren per uur eindhoven van het object) uit. 2. Is de kasstroom van het object altijd voldoende om aan de schuldverplichtingen te voldoen? 316 INVESTEREN IN VASTGOED, GROND EN GEBI EDEN E l. Werk de Cash Flow Waterfall uit bij deze 90% financiering 2. Bereken vervolgens de cumulatieve kasstroom voor de financier en voor de eigen vermogen verstrekker 3. Controleer of het totaal van de bovenstaande kasstromen gelijk is aan de netto kasstroom van het object Bereken vervolgens: 4. De IRR van de financier 5. De IRR op eigen vermogen 6. De WACC 7. Is de WACC gelijk kantoor huren per uur den haag aan de IRR van het object? Welke conclusies kunt u eventueel trekken uit het verschil tussen de WACC en de IRR van het object? Hoe kunt u die conclusies staven?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *